Word kan wel een register maken, maar op zijn eigen paginering — en die komt nooit overeen met het gezette boek. De Registermaker leest de drukklare pdf, ziet welk nummer er op elke bladzijde gedrukt staat, en zoekt uw termen op in de tekst zoals de lezer hem straks voor zich heeft.
Dit is de werkbank in het klein, met echte uitkomsten uit Aanwijzingen voor de regelgeving. Vink aan en uit, klap een ingang open, en kijk rechts wat er in het register terechtkomt.
In het programma staat hier uw eigen boek, met alle ingangen die het aandraagt — bij een boek van deze omvang zijn dat er 177, met 462 sublemma’s. Wat u hier ziet zijn er twaalf.
Een compleet register uit een boek dat u kunt nalezen, naast het register dat datzelfde boek met de hand kreeg.
Een register kan pas worden gemaakt als het boek gezet is, want pas dan staan de bladzijden vast. En juist dan is er geen tijd meer: de drukker wacht, de auteur wacht, en het register is het laatste dat erbij komt. Vaak wordt het daarom een lijstje dat niemand echt gebruikt, of het blijft helemaal weg.
Dit programma neemt het mechanische deel over. Het weet op welke bladzijde van het gedrukte boek elk woord staat, trekt reeksen samen, herstelt afbrekingen aan het regeleinde en houdt het notenapparaat en de inhoudsopgave erbuiten. Wat overblijft is het werk dat een redacteur moet doen: kiezen wat een ingang verdient.
Het programma leest de folio zoals hij op de bladzijde staat en telt door waar er geen staat, zoals op een hoofdstukopening. Romeins voorwerk en arabisch boekblok blijven twee reeksen naast elkaar, en het boek mag uit meer bestanden bestaan.
Voetnoten worden herkend aan hun corps en hun plaats onderaan de bladzijde. Wie op een bladzijde alleen in een noot voorkomt, krijgt daar een n achter: 124n. Zo doen geleerde registers het, en u kunt het ook uitzetten of de noten helemaal overslaan.
Staat er aan het regeleinde gezichts- en op de volgende regel uitdrukking, dan kijkt het programma of dat woord ergens anders in hetzelfde boek aaneengeschreven voorkomt. Zo hoeft er geen woordenlijst mee die toch altijd achterloopt op uw vaktermen.
Functiewoorden, algemene woorden en apparaatwoorden — en de woorden van dít boek, die het programma zelf uitrekent. Een stopwoord is geen verboden woord: het wordt nooit uit zichzelf een ingang, maar binnen een woordgroep telt het gewoon mee.
Klap een ingang open en u ziet de zinnen waarin het woord voorkomt, de sublemma’s die het programma aandraagt, en de knoppen om zelf iets toe te voegen. Zonder die zinnen is wegstrepen gokwerk.
Wie een register met de hand maakt, leest het aan het eind nog één keer door: staan Casper en Kasper er allebei, wijzen twee ingangen naar dezelfde bladzijden, staat er een ingang met dertig nummers en geen enkel sublemma? Eén knop doet dat naleeswerk en wijst elke melding aan in de werkbank. Het verandert niets: geen ingang wordt samengevoegd, hernoemd of weggegooid — u ziet wat er te zien is en beslist zelf.
De vorm van het register is niet bedacht maar nageslagen: samengetrokken bereiken (101–8), 78–88 passim waar een ingang zich over een reeks bladzijden uitspreidt, en noten met hun nummer erbij (334n14), ook als het eindnoten zijn. Een vindplaats staat op één plek: is een ingang onderverdeeld, dan gaan de bladzijden naar het sublemma en houdt de ingang alleen over wat geen sublemma dekt, zodat het register de lezer niet twee keer naar dezelfde bladzijde stuurt. Naast hoofdstuk 18 van de Chicago Manual of Style staat ANSI/NISO Z39.4-2021, de Amerikaanse norm voor registers. De handleiding zet per regel op een rij wat het programma doet — en waar de maatstaf een keuze laat, laat het programma die keuze aan u.
Een .docx met eigen alineastijlen in twee kolommen, gemerkte tekst waaraan de zetter zijn stijlen koppelt, of kale tekst. De termenlijst blijft bewaard, zodat u een register over meer dan één zitting kunt maken.
Geen account, geen server, geen internetverbinding. Eén bestand dat zichzelf meebrengt: dubbelklikken volstaat. Een boek dat nog niet is verschenen gaat niet naar een vreemde server.
Een zaken- en een namenregister uit dezelfde tekst, elk met een eigen sortering en een eigen uitvoer.
Herkent wetsartikelen, rechtspraak, ECLI-nummers en vindplaatsen in Staatsblad en Staatscourant, en zet ze in een eigen register — gesorteerd zoals een jurist zoekt: artikel 10 ná artikel 2.
Is het boek ná het register nog een keer gezet, dan wordt elke ingang opnieuw aangewezen. U ziet per ingang wat er was en wat het wordt; wat niet wordt teruggevonden komt bovenaan te staan.
De sorteerregels, de stopwoordenlagen en de vorm van de verwijzingen zijn te bewaren en bij de volgende titel weer in te lezen.
Een register bij een boek van 250 bladzijden telt al gauw achthonderd regels. Elke regel is een besluit: welk woord wordt een ingang, welke bladzijden horen erbij, wat wordt een sublemma en wat een verwijzing. Wie dat met de hand doet, leest het boek een tweede keer — en dan met een pen erbij.
Het programma doet het tellen en het schikken: die achthonderd regels in ruim een seconde, met de nummers van het gedrukte boek erbij. Wat overblijft is het wegen — welke ingang blijft staan, welke gaat weg — en dat is het deel waarvoor u redacteur bent.
Eén boek, één register: de bladzijden, de termen, de werkbank en de uitvoer.
Alles daarvan, plus meer registers naast elkaar, de vakkaders, het bijwerken na een nieuwe zetgang en de huisstijl.
Prijs en btw volgen de Nederlandse wetgeving. Woont u buiten Nederland:
Vul het aanvraagformulier in: de naam zoals die in het programma moet komen te staan en uw factuuradres. U krijgt de factuur per e-mail, en zodra de betaling binnen is het bestand op uw naam.
Door te bestellen gaat u akkoord met de algemene voorwaarden en de privacyverklaring.